We staan in Broome op een camping bij het strand van Cable Beach en vandaag is Port Hedland (of South Hedland zoals sommige kaarten aangeven) onze bestemming. Dit wordt een lange rit van ruim 700 km dwars door de Great Sandy Dessert. Om eventuele calamiteiten voor te zijn zorgen we dat we een extra hoeveelheid water bij ons hebben en omdat we maximaal 350km met een volle tank kunnen afleggen wordt het vandaag zeker drie keer tanken.
We zijn om zes uur opgestaan zodat we vroeg weg kunnen en op ons gemak kunnen rijden alleen komen we er achter dat het kantoor van de camping pas om acht uur open gaat. We kunnen nu wel gaan alleen zijn we dan onze borg van Aus$20 kwijt voor het toegangspasje tot de camping. Dan maar wachten en in de tussentijd schrijven we wat kaarten. Net na acht uur rijden we weg en gaan alleen Broome nog in om de kaarten te posten.
We rijden eerst een stuk terug richting Derby, vullen de tank bij Roebuck Plains Roadhouse en gaan dan naar het zuiden voor de oversteek. De oversteek begint bij de Roebuck Plains, een volledige kale onbegroeide vlakte met wat zoutmeren en veel dode kangeroes. De weg is te ver van de kust vandaan om iets van de oceaan te zien en hier en daar zijn dirty roads links en rechts die naar huizen leiden of naar ECO resorts aan de kust. De asfaltweg is eindeloos en er lijkt geen eind aan te komen, er staat veel laag struikgewas maar wat we niet zien is grote hoeveelheid rood zand.
Het gebied van de Great Sandy Dessert nodig niet uit tot bewoning en toch zijn hier agrarische bedrijven. Onder de gehele Great Sandy Dessert zit een immens groot zoetwater reservoir dat op relatief kleine schaal wordt gebruikt voor irrigatie.
We stoppen bij de Sandfire Roadhouse voor het vullen van de brandstoftank. Deze benzinepomp bevindt zich ruwweg halverwege Broome en Port Hedland. We eten wat in de schaduw van de bomen en zien een grote roadtrain vol met vee het terrein op rijden. De bestuurder inspecteert zijn banden door er met een metalen staaf tegen aan te slaan en constateert dat een van de banden vervangen moet worden. Hij pakt een supersized krik, tilt deze alleen op en begint de roadtrain met vee op te krikken. Even later haalt hij een reserve band los, tilt het op zijn kant en rolt de band naar de andere kant ter vervanging van de slechte band. Ik wil deze man niet in een slechte bui tegen komen want ik denk niet dat er dan wat van je overblijft.
Na onze 'lunch' vertrekken we van Sandfire Roadhouse voor het tweede deel van onze oversteek van de Great Sandy Dessert. Het landschap is gelijk, vlak met wat struikgewas. Zo af en toe rijden we door een gebied met zoutmeren. Dit zijn inhammen welke bij storm overstroomd raken, net ten noorden van Sandfire Roadhouse rijdt je door een uitgestrekte inham met zoutmeren. Is dit nog wel begaanbaar bij of na een tropische orkaan.
Na de passage met de Grey River verlaat je de Great Sandy Dessert. Het landschap wordt heuvelachtig en je rijdt nu op een van de oudste gesteente van de aarde. Even later krijg je de afslag naar Port Hedland. Deze plaats ligt aan een natuurlijke haven, het gebied is een overslag voor zout en ijzer van de vele ijzermijnen in Pilbara.
Port Hedland is een moderne kleine stad, we gaan op zoek naar de lokale tourist information en deze is gauw gevonden. We informeren naar de campings en komen uit op een Big4 camping, deze campings zijn niet goedkoop maar wel goed en we hebben er een 10% kortingskaart voor. Op de camping krijgen we een pas voor de slagboom wat gelijk de pas voor de toiletten en douches zijn. Voor het eten maken we een korte strandwandeling. Op de camping staat een grote camper met een Nederlands echtpaar met twee kinderen. We raken in gesprek en ze vertellen ons dat ze problemen hebben met de airconditioning. Ze gaan richting de Great Sandy Dessert en willen naar de kust gaan naar een van de Eco campings. De wegen er naar toe zijn dirty roads en ze hebben geen 4WD. Dat de verhuurbedrijven het rijden op dirty roads met een standaard camper niet goedvinden en dat je problemen met de verzekering kan krijgen boeit hem niet.
De volgende morgen vertrekken we om half negen en we gaan afwijken van onze eerder geplande route. We willen namelijk naar Tom Price toe gaan, dit is de grootste ijzermijn van Australië en een van de grootste van de wereld. Hiervoor verlaten we de highway 1 en nemen de highway 95. Dit is nog steeds de Great Northern Highway, de highway 1 heet vanaf Port Hedland Northwest Coastal Highway. We volgend de highway 95 tot de afslag naar Tom Price. Bij de Munlina (Audiska) Roadhouse is de afslag naar Wittenoom, dit is een ghosttown door natuurlijk asbest. Asbest is een mineraal dat behoort tot de groep van de amfibolen en komt voor metamorf gesteente. Rondom Wittenoom zijn heel veel groeven waar de asbest werd ontgonnen. Wegens de grote gezondheidsproblemen dat asbest met zich mee draagt is men gestopt met de ontginning en zijn de dorpen in de streek verlaten.
Bij het Audiska Roadhouse vragen we of het bezoekerscentrum van het Karijina National park nog open is, volgens de Lonely Planet zou het bezoekerscentrum nog open moeten zijn maar in de Roadhouse vertellen ze dat het 1 oktober sluit. We gaan toch kijken en rijden het park in, toegang Aus$9. Het bezoekerscentrum is daadwerkelijk gesloten. We rijden nog wat door maar de weg is heel slecht, net een washbord en we besluiten om te draaien en verder te gaan naar Tom Price.
Bij aankomst in Tom Price zoeken we gelijk de camping op en bij de receptie zien we een bericht over een excursie naar de ijzermijn. Men kan ons niet vertellen wanneer er een excursie gaat plaatsvinden, daarvoor moeten we naar de tourist information in de stad. Dat doen we gelijk en we geven ons op voor de eerste volgende excursie. We vragen of er nog tours naar het Karijina National Park gaan plaatsvinden. Over drie dagen staat er een in de planning, er moeten minimaal vier aanmeldingen zijn en op het moment heeft precies een persoon zich opgegeven voor de tour. Als we mee willen moeten we nog twee extra dagen in Tom Price blijven, dit wordt even goed nadenken.
We rijden terug naar de camping om te genieten van het zwembad en de acrobatiek van de Gala’s. Er zijn enige lampen op de campings en om de muggen en insekten op een afstand te houden doen we zelf geen licht aan. We gaan op tijd binnen zitten om nog wat te lezen.
De volgende lopen op de camping meerdere kangoeroes rond, de grootste komt al 4 tot 5 jaar op de camping. Ze zijn schrikkerig maar als je ze rustig benaderd eten ze uit je hand. Bij aankomst in Tom Price hebben we geïnformeerd naar een tour naar het Karijina National Park. Deze zou op zijn vroegst pas over drie dagen plaatsvinden, dit betekend dat we nog twee dagen in Tom Price blijven en de tour is onzeker omdat het minimum aantal deelnemers nog niet gehaald is. We hebben besloten om niet te blijven, na de mijn tour verlaten we Tom Price om onze weg richting Perth te vervolgen.
De mijntour is zeer zeker de moeite waard geweest, we worden met een bus rondgereden. Op twee plaatsen mogen we er uit, iedereen moet wel een helm en veiligheidsbril opzetten. Bij het eerste uitkijkpunt staan we bij een gat van 500 meter diep. We zien dat er gaten worden geboord voor nieuwe explosies, op andere plaatsen worden trucks volgeladen met afval gesteente of gesteente met ijzererts. Bij het tweede uitkijkpunt is de raffinage te zien. De low en high-grade ore worden in de mijn al gescheiden gehouden.
Als laatste stopt de bus waar de treinen worden geladen. Het gaat hier om zeer lange treinen met wel 200 wagons waarbij de totale lengte wel 2 km kan zijn. Deze treinen hebben we in Port Hedland zien rijden.