CSS Play Dynamic Drive
Deze site maakt gebruik van Javascript en CSS. De site kan het best bekeken worden met Internet Explorer 7, Firefox 3.x, Opera 9.5 met een minimale schermresolutie van 1280x1024.
  • Home
    • Homesite
    • Bezoek aan Afrika
    • Bezoek aan Canada
    • Bezoek aan Europa
  • Introductie
    • Voorbereiding
      • Voorbereiding
      • Eigen ervaringen
      • Overzichtskaart
      • Overige informatie
    • Geologie
      • Jura periode
      • Krijt periode
      • Tertiair - Paleogeen
      • Tertiair - Neogeen
    • De mens en Australië
  • Steden
    • Singapore
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Darwin
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
  • Northern Territory
    • Litchfield national park
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Foggdam
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Kakadu national Park
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album Jabiru
      • Foto Album Yellowwater
      • Foto Album Waterfallcreek
      • overzichtskaart
    • Nitmiluk national park
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
  • Savannah Way
    • Introductie Savannah Way
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Route Mataranka
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Route Borroloola
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Route Lawnhill NP
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
    • Lawnhill National Park
      • Introductie
      • Eigen ervaring
      • Foto Album
      • overzichtskaart
  • Oude site
 

Geologische geschiedenis

Begrippen

In het verhaal over de Geiologische geschiedenis van Australië komen een aantal begrippen voor, in het deel hieronder staan deze kort beschreven.

Geologische tijdschaal

Geologen zijn al vroeg begonnen met het bepalen van de relatieve ouderdom van gesteenten. Dit was noodzakelijk omdat het anders niet mogelijk was om de relatie tussen opeenvolgende gesteente pakketten te bepalen. In eerste instantie bepaalde men of een bepaalde afzetting voor of na een andere was afgezet en iedere afzetting plaatste men in een tijdvak waarvan de naamgeving vaak geografisch bepaald is. Voor correlatie met gesteente op andere locaties begon men later met het vastleggen van beschrijvingen van key locaties. Bijvoorbeeld: het jongste deel deel van het Krijt heet tegenwoordig het Maastrichtian, genoemd naar de krijt afzettingen in Limburg.
In het begin was er een simpele onderverdeling van de tijdvakken, namelijk primair, secundair, tertiair en quartair. Hiervan bestaan tegenwoordig alleen nog de namen tertiair en quartair. De moderne onderverdeling van de geologische tijdschaal is in EON, ERA, PERIOD en EPOCH. Op het moment bevinden we ons in EON:Phanerozoic, ERA:Cenozoic, PERIOD:Quartair en EPOCH:Holoceen. Deze epoch is circa 10.000 jaar geleden begonnen en het begin was eerst gedefinieerd op het eerste terugtrekken van het landijs in Europa. Dit bleek in geheel Europa niet gelijk te zijn begonnen en is wereldwijd ook niet goed te gebruiken. Tegenwoordig lees je veel vaker dat het Holoceen is begonnen met de opmars van de Homo Sapiens. Om een tijdvak wereldwijd goed te kunnen gebruiken kijkt men tegenwoordig steeds vaker naar gebeurtenissen als het ompolen van het aardmagnetisch veld. Deze ompoling wordt dan gecorreleerd met regionale of lokaal voorkomende fossielgroepen. Heel vaak worden hiervoor leden van een kleine eencellige fossielgroep genaamd foraminiferen gebruikt. Dit zijn de skeletten van organisme die of zwevend in het zeewater (planktonisch) of op de zeebodem (bonthonisch) hebben geleefd. Heel belangrijk is dat deze organismen een goed horizontale verspreiding hebben gehad en dat het eerste voorkomen en uitsterven goed bekend is. Deze methodiek werkt goed met mariene afzettingen, tijdvakken met overwegende continentale afzettingen zijn veel lastige te bepalen en hiervoor gebruikt men diverse ander methodieken.
De historisch oudere tijdvakken in het Paleozoicum, Mesozoicum en Tertiair zijn op een enkeling na allemaal in Europa gedefinieerd, de namen van de meeste van deze tijdvakken worden heel vaak wereldwijd erkend en gebruikt. Dit is iets dat historisch gegroeid is, de Geologie als wetenschap is in Europa ontstaan en de basis is ook in Europa gedefinieerd. Een bekende uitzondering op de naamgeving is het Carboon, deze naam is afkomstig van het vele steenkool dat in het gesteente van deze relatieve ouderdom zit. In de VS heet het Carboon Pennsylvanian en Missisippian. Waar in Europa het Carboon uit één periode bestaat heeft men in de VS er twee perioden van gemaakt. Vaak zie je dat men een periode gaat onderverdelen in subperiodes los van het feit dat een epoch ook al een onderverdeling is van een periode.

Plaattektoniek

In de loop van de zestiger jaren van de 20ste eeuw kwamen er steeds meer aanwijzingen dat de continenten eens aan elkaar vast hebben gezeten. Sindsdien is het duidelijk geworden dat er een on-going proces is van vorming en vernietiging van oceanen waarbij gebergte en vulkanen ontstaan, dit proces heet de Wilson-cycle. Op het moment weten we ook dat alle continenten een kern van heel oud gesteente heeft. Deze kern noemt met een craton. De craton zelf zijn ook onderhevig aan het proces dat we plaattektoniek noemen. Plaattektoniek is het gehele proces van de eerste scheur in een continent tot maximale omvang van de oceaan en de vernietiging welke eindigt met een continent-continent botsing. Alle stadia van het proces plaattektoniek vindt op het moment wel ergens op Aarde plaats. De East-African slenk geeft het begin stadium weer. De huidige Atlantische Oceaan een van de stadia van een oceaan. De botsing van Australia met de Timor is mogelijk de eerste aanzet van een continent-continent botsing en de botsing van India met Azie één van de laatste stadia van het proces Plaattektoniek.

Heel simplistisch ziet het proces van plaattektoniek er als volgt uit, in het begin treedt er rifting of slenk vorming op, hierbij vindt er expansie plaats van het continent waarbij het midden deel van de slenk wegzakt. Dit is heel goed te zien in de Rijnslenk en de East-African slenk. Op een bepaald moment is de bodem van de slenk zo laag komen te liggen dat de zee binnenkomt. Door het oprekken en zakken van de bodem komt magma uit de mantel en begint bazalt af te zetten. Op dat moment is de eerste zeebodem gevormd. Bij het voortschrijden van de spreiding beginnen de oudste delen van de zeebodem en het nabij gelegen land verder te dalen en op de flanken van de oceaan worden nieuwe sedimenten afgezet. Dit zijn bijna altijd goed vindplaatsen van organische delftstoffen als olie en gas.
Het proces zet zich verder voort en op een bepaald moment is de oceanische korst van de zeebodem zo ver afgekoeld dat het zwaarder is geworden dan het onderliggende warmere gesteente, het begint te zinken en laat los van de continentale korst. Bij het zinken ontstaat een subductie zone met een trench. Dit is het begin van het kleiner worden van de oceaan en eindigd uiteindelijk met een continent-continent botsing waarbij een gebergte op de botsing ontstaat. Dit gebergt verdwijnt na lange tijd door erosie en wat dan overblijft is te zien in Schotland en Noorwegen, een oud afgesleten gebergte.

 

 

Jura periode

Ons verhaal begint ruim 237 miljoen jaar geleden aan het begin van het tijdperk dat Geologen het Trias noemen. Australia maakte in het Trias deel uit van het super continent Gondwana. Gondwana vormde samen met Laurasia het supercontinent Pangea. In het vroege Trias was het grootste deel van het land droog en warm afgewisseld met vele rivieren en moerassen gehad. Deze gebieden zijn het thuis van dinosauriers en de voorvaderen van de zoogdieren. 
In het Trias bevond Australia zich op een veel zuidelijker positie dan tegenwoordig. Aan de zuidkant zat het vast aan Antarctica en aan de westkant vast aan het noordelijke deel van India. Aan de noordkant en aan de oostzijde van het continent bevonden zich oceanen.
De oostzijde van Australia is een actieve subductie zone met vulkanische boog. Aan deze kant duikt de oceanische plaat van de Panthalassic Oceaan (=Grote Oceaan) onder Pangea.De noordzijde van Gondwana is een passieve plaatrand en vormt de overgang naar de oceanische plaat van de Tethys Oceaan. In onze tijd zijn alleen nog fragmenten van de Tethys Oceaan over.
Een lang smal microcontinent met de naam Cimmeria scheidt de Tethys Oceaan van de Paleo-Tethys. Cimmeria is aan het eind van het Carboon van de noordkant van Gondwana afgescheiden. Het bevat de gebieden welke we nu terug vinden in een strook van Turkije naar de Indonesisch Archipel. Officieel ontstaat Pangea (All Land) pas nadat Cimmera en de microcontinent van IndoChina en Maleisië een zijn geworden met het Siberische craton.
Australia heeft er in het geologische verleden heel anders uit gezien dan zoals we het nu kennen. West Australia bestaat uit een aantal cratons samengevoegd in het pre-Cambrium. Een aantal van deze cratons zijn al meer dan 3000 miljoen jaar oud.

Tussen de cratons bevinden zich jongere plooiingsgebergte en bekkens ontstaan door compressie tijdens de vorming van Rodinia. Aan het einde van het pre-Cambrium begint het reuze continent Rodinia op te breken. Er ontstaat ondermeer een rift zone waardoor het huidige West Australië los breekt van wat we nu als Noord-Amerika (Lauratie) en Zuid-Oost China kennen. De west flank van deze riftzone is in de geologie van Australia nog steeds herkenbaar en staat bekend als de Tasman Line. Al het gebied ten oosten van deze lijn is na de rifting in het Paleozoicum door de botsing van microcontinenten ontstaan. Vanaf de Tasman Line naar het oosten wordt het gesteente steeds jonger. Seismisch onderzoek heeft verder aangetoond dat de korst onder het deel ten oosten van de Tasman line significant dunner is.
Het Jurassic klimaat in Australië was veel vochtiger en warmer dan in het Trias. Australia heeft zich inmiddels volledig herstelt van de Carboon en Perm ijstijd en zit nu in het midden van een opwarming fase welke voortduurt tot 140 miljoen jaar geleden. In het centrum en de oostkust waren grote rivieren en meren en in het westen gebergten in wat we nu kennen als de Pilbara en de Kimberley. De typisch planten karakteristiek aanwezig in de Trias koollagen zijn geheel vervangen door grote coniferen, cycaden, Lycopods en grote boomachtige varens. De bodem was bedekt met mos en kleinere varens. Het zuidoosten van Queensland en noordelijk New South Wales bestonden voornamelijk uit uitgestrekte veen gebieden. De koollagen hiervan worden nu ontgonnen. Meer naar het zuiden waren heel veel vulkanen aanwezig, de asafzettingen hiervan zijn teruggevonden tot in Zuid Afrika welke ook deel uitmaakte van Gondwana.
 Early Jurassic

In het gebied dat we nu kennen als Queensland en NSW Australia was een subductie zone met bijbehorende actieve vulkanen. Ongeveer op de hoogte van de huidige kustlijn bevindt zich een groep vulkanische eilanden gescheiden door een binnenzee van het vaste land. Deze eilanden zijn ontstaan ten gevolge van het verdwijnen van de oceanische plaat onder het vaste land van Australië. Een goed vergelijk is het gebied van Japan met de Japanse zee. In het westen van het continent is het Perth basin in ontwikkeling, dikke pakketten zand en grint zijn hier afgezet afkomstig van de hoger gelegen gebieden van het Yilgam blok.
Aan het begin van de Jurassic Periode zijn de eerste tekenen van het opbreken van Pangea zichtbaar. Er onstaat ondermeer een slenk structuur tussen India en Afrika en Noord Amerika en Afrika. Beide gebieden moeten er hebben uitgezien als de huidige Afrikaanse slenk.
Het zuid-westen van Europa is aan het dalen en de Tethy Oceaan breidt zich naar het westen uit. Aan de noordkant van de Tethys Oceaan is de Paleo-Tethys door subductie volledig verdwenen. Hierdoor begint het achterliggende land zoals de Tibetaanse vlakte, zich te vormen maar bevindt zich nog wel op zeenivo.
Het volgende plaatje is de situatie een het einde van de Jura periode (Late Jurassic). De Atlantische Oceaan tussen Noord Amerika en Afrika is zich nu goed aan het vormen. We zien dat het middenstuk van Atlantisch Oceaan nog verder is geopend. De huidige Golf van Mexico is zich aan het vormen en de verbinding tussen Noord en Zuid Amerika weggevallen. Dit zal zo blijven tot circa 15 miljoen jaar geleden. De Atlantische Oceaan bestaat nog wel uit een aantal losse bekkens gescheiden door ondiepe onderzeese ruggen. De bodem van de bekkens waren zuurstof arm en condities vergelijkbaar met de bekkens van de Zwarte en de Kaspische zee. Een van de belangrijkste afzetting in deze proto-Atlantische bekkens is een zwarte organische klei welke 150 miljoen later een van de belangrijkste moedergesteente van aardolie blijkt te zijn. Door het wijder worden van de proto-Atlantische Oceaan begint Laurasia naar het westen te bewegen. De westkust van Noord Amerika is nu verder boven water gekomen en een proto-Rocky Mountains zijn zich aan het vormen.
Late JurassicDoor de opening van de proto-Atlantische Oceaan begint het noordwesten van het huidige Europa langzamerhand te dalen en raakt overspoelt door een ondiepe continentale zee. Een groot deel van Europa staat nu onderwater maar er is zich nog geen Noordelijke Atlantische Oceaan aan het vormen. De zee is nog steeds continentaal van oorsprong. Aan de noordelijke kusten van de Tethys Oceaan begint het land langzaam boven water te komen. De eerste rifting tussen Afrika en de combinatie van India/Antartica/Australië is een feit.
Het klimaat in Australië is niet veel gewijzigd. Het is wel een periode van relatieve hoge zee spiegel geweest. In deze tijd is het Eromanaga Basin gevormd wat tegenwoordig een belangrijk olie moedergesteente is. In de omgeving van het huidige Sydney waren aan het einde van het Jura tijdperk diverse vulkanen actief en in het noordwesten is het land overspoelt door een mariene transgressie. In deze periode lag het grootste deel van het nu bekende Australië boven water en daardoor bloot aan erosie. De oostkant van het continent wordt nog steeds begrensd door een boog van vulkanische eilanden met de corresponderende subductie zone. De aslagen van deze vulkanen zijn tegenwoordig in dikke rivierafzettingen terug te vinden. Verder langs de oostkust en naar het noorden tot aan Papua Nieuw Guinea is een onbekende zee aanwezig geweest.
In het zuiden en westen was weinig activiteit behalve dan intrusies van grote hoeveelheden magma in de diepe ondergrond. Dit zijn de allereerste voortekenen van het ontstaan van riftzones. Aan de oostkant van de Kimberleys zijn magma pijpen ontstaan gevuld met magma en diamanten waar nu de diamanten van Argyle gedolven worden. Ongeveer 154 miljoen jaar geleden zijn de eerste tekenen van een riftzone in het noordwesten terug te vinden en het ontstaan van een nieuwe zeebodem buiten de kust van de Kimberleys. Het gebied moet er als de huidige Rode Zee hebben uitgezien. Het Perth Basin begint zich langzaam te ontwikkelen naar een terrestial rift valleymet alluvial fans en grote rivier systemen. The Darling fault die het Perth Basin scheidt van het veel oudere Yilgam Blok begint actief te worden en de eerste tekenen van rifting is aanwezig langs de gehele westkust van het huidige Australië.

 

 

Krijt periode

We zijn inmiddels in het Onder Krijt aangekomen, het onderstaande plaatje is de situatie van circa 130 miljoen jaar geleden. Deze periode in de Aardse geschiedenis manifesteert zich door een hoge zeespiegel waarbij grote delen van de lage continenten zijn overspoelt. Dit veroorzaakt ondiepe warme zeeën perfect geschikt voor kleine eencellige levensvormen waarvan de skeletten in korte tijd dikke kalksteenpakketten vormen. Tijdens de periode van afzettingen is de diepte van de zee niet veel verandert wat betekend dat of het land sterk aan het dalen is of de zee aan het stijgen.
Het Onder-Krijt is geologisch gezien een zeer actieve periode geweest. Continenten breken op, gebergte worden gevormd en er is heel veel vulkanisme. Het klimaat is warm tot zeer warm en tot in de polaire streken zijn de condities subtropisch. ALTERNATIVE Alles bij elkaar is dit mogelijk de oorzaak van de hoge zeespiegel in het Onder Krijt.
We zien dat het eens zo grote Gondwana volledig aan het opbreken is. De Atlantisch Oceaan tussen Noord Amerika en Afrika heeft zich volledig geopend. De zuidelijke Atlantische Oceaan tussen Zuid-Amerika en Afrika is zich aan het vormen. Groot India begint los te breken van Antarctica en Australia. De rift tussen India en Australië is al tot aan het Perth Basin geopend.
Antarctica en Australië zitten nog aan elkaar vast en verder met een smalle strook aan Zuid Amerika. Door het wereldwijd stijgen van de zeespiegel zijn grote delen van Australië overspoelt. In het westen ligt de kustlijn honderden kilometers oostelijker dan heden. Vanuit het noorden is de zee ook diep het land binnengedrongen. Rond 117 miljoen jaar geleden waren alleen de Yilgarn craton, de Kimberley, Tasmanië en de vulcanische eilanden van de subductiezone in het oosten nog boven water.
De dichte bossen met coniferen, cicade en varens verdwijnen langzaam. Het gehele continent was nog steeds in een warme fase al zijn er in het zuidoosten sporen gevonden van typische glaciale afzettingen. Rond de 120-105 miljoen jaar geleden is ten oosten van het continent bij de subductie zone een nieuwe reeks vulkanische eilanden gevormd. Langs de gehele oostelijke kust waren vulkanen op de eilanden aanwezig en de uitbarstingen zijn vaak zeer heftig geweest.
In het volgende plaatje zijn we bij 94 miljoen geleden aangekomen. We zitten nu in de overgang van het Midden naar het Laat Krijt. Dikke pakketten organisch klei zetten zich af in de proto Zuid-Atlantisch Oceaan. De Andes en de Rocky Mountains zijn zich nu goed aan het vormen. ALTERNATIVE Tussen Europa en Noord Amerika is de scheuring verder gegaan. India is inmiddels volledig van Gondwana losgekomen en begonnen aan zijn tocht naar het noorden. Madagascar blijft op een gegeven moment achter.
Grote delen van Australië zijn nog steeds overstroomd al is de zee zich vanaf 99 miljoen jaar geleidelijk aan het terugtrekken. Aan de oostkant van Australië ontstaat een eerste aanzet van een rift waarbij diverse microcontinent afbreken van het continent van Australië. Dit is de eerste aanzet tot de vorming van de Tasman Zee. In dit proces van rifting is Antarctica betrokken met een slenk vorming tussen Oost en West Antarctica waarbij diverse microcontinent afbreken, uit een van deze microcontinenten ontstaat het latere Nieuw Zeeland. De eerste basins ontstaan tussen Antarctica en Australië maar er is nog geen sprake van enige expansie tussen de beide delen. Rivieren zetten dikke pakketen zand en klei af in deze basins. Ze moeten wel zwaar begroeid zijn geweest ondanks dat het klimaat koeler is geworden. In deze periode heeft de zee zich volledig van het continent teruggetrokken. Het klimaat was 110 miljoen jaar geleden gematigd met temperaturen van 12 graden celsius in het zuiden van Australie en huidig Antarctica. De jaarlijkse regenval is waarschijnlijk groot geweest (750-1150mm). In het noorden was het waarschijnlijk een stuk warmer. Het gehele land van Tasmanië tot aan New Guinea was bedekt met uitgestrekte regenwouden. Dinosauriërs bevolkte het land en de zeeën rondom het continent. In de zee kwamen verder koralen, vis, amfibieën, reptielen en ammonieten voor. Het land staat vol met varens en boomvarens en er is het eerste teken van primitieve bloemdragende planten (angiosperms).
In het volgende overzicht zijn we bij de overgang tussen het Krijt en het Tertiair aangekomen. De Atlantische Oceaan tussen Groenland en Noorwegen is zich aan het vormen. Het Scandinavische kraton en de Oeral beginnen één land massa te worden. Grote delen van Europa staan onder water. In geen enkele geologische periode heeft de zeespiegel zo hoog gestaan. Alleen de oude kratons zoals Scandinavië en oudere gebergte gordels steken nog boven de zee uit. ALTERNATIVE Ook grote delen van andere continenten staan onder water. In het huidige Midden-Oosten zetten zich dikke pakketten organisch materiaal in de bekkens af waaruit de latere olievelden ontstaan.
Rond Australië is het breken van de aardkorst nu pas goed begonnen. De Tasman zee is zich aan het vormen en diverse microcontinenten zijn ontstaan. Geen van deze microcontinenten steken nu nog boven de zeespiegel uit. Nieuw Zeeland heeft zich los gemaakt van Antarctica en verplaatst zich in noordoostelijke richting naar zijn huidige positie. Verder zijn India en Madagaskar volledig gescheiden en de bekkens tussen Antarctica en Australië zijn zich aan het verbreden. Vanuit het westen begint de oceaan bezit te nemen van de bekkens. Beide continenten zitten nog wel aan elkaar vast en het landschap bestaat voor het overgrote deel uit gematigd regenwoud. Dit Australië en Antarctica is niet het land zoals we het nu kennen, het land heeft blootgestaan aan overstromingen, zeer krachtige vulkaanuitbarstingen van de vulkanen op de eilanden bij de subductie zone in het oosten en de vorming van bergen. Met tijden was er sneeuw en ijs in het zuiden en tropische zeeën en koralen in het noorden. Het klimaat van Australië is nog steeds warm en vochtig met naar alle waarschijnlijkheid een dichte plantengroei.
In het noorden van het Australië trekt de zee zich terug, daarbij een serie van delta's, zoutwater moerassen en estuaria achterlatend. Verder begint Papua Nieuw Guinea boven water te komen al is het nog laagland gebied. De westkust van Australië is door erosie geëgaliseerd, de kuststrook daalt door het verspringen van de riftzone naar het westen. In het oosten van het continent bevinden zich enkele steenkool vormende moerassen. De fossielen geven aan dat er een nat gematigd klimaat moet zijn geweest.
In deze tijd ontwikkelde zich twee nieuwe levensvormen, de placenta zoogdieren en de buidel zoogdieren (Marsupials). De buidelzoogdieren ontwikkelde zich in het huidige Noord, Zuid Amerika en Australië. Ze zijn nooit gevonden in Antarctica maar ze moeten daar ook hebben voorgekomen. In Nieuw zeeland zijn geen fossielen van buidelzoogdieren gevonden. De placenta zoogdieren ontwikkelde zich in Afrika, Europa en Azië.
Op dit moment vindt er ook een catastrofe plaats, in het gebied van de Golf van Mexico slaat een grote meteoriet in waardoor diverse levensvormen uitsterven. Voor lange tijd is de gehele planeet vanuit een warm vochtig klimaat terug gezet naar een ijstijd. Door het gebrek aan direct zonlicht is er veel te weinig plantengroei en daarmee voedsel voor de grote populaties dinosauriërs. Door het bevriezen van de polaire zeeën zijn veel eencellige en andere in de zeelevende soorten uitgestorven of gevlucht naar aan paar niches waar leven nog mogelijk was.

 

 

Tertiair - Paleogeen periode

Na de overgang Krijt naar Tertiair is het aanzicht van de planeet sterk verandert. De in het Krijt overheersende leegvormen op land, zee en in de lucht zoals dinosauriërs en diverse andere reptielen soorten zijn uitgestorven. De reden, een inslag van minimaal één grote meteoriet op de planeet. Deze inslag heeft zeer veel stof en materiaal van de aarde en de meteoriet hoog in de dampkring gebracht. De inslag heeft een vuurstorm van ongekende afmetingen over de planeet veroorzaakt waarbij het overgrote deel van de flora en fauna is vernietigd. Mogelijk dat de vlees en aasetende soorten de eerste klap voor een klein deel overleeft hebben maar zij stierven later uit in de "nucleaire" winter en ijstijd welke grote delen van de planeet hebben getroffen. Alleen de kleinere soorten zoals zoogdieren hebben de inslag overleeft en zien opeens een planeet zonder concurrenten. De tijd van de dinosauriërs is voorbij en die van de zoogdieren is begonnen.
In het onderstaande plaatje zijn we aangekomen in het Eoceen, welke een onderdeel van het Tertiair is. Het geeft de situatie weer van circa 50 miljoen jaar geleden. ALTERNATIVE De gehele planeet heeft zich inmiddels al weer hersteld van de inslag van de meteoriet. Het verdwijnen van heel veel land- en zee soorten heeft de weg vrije gemaakt voor een explosieve ontwikkeling van ondermeer de zoogdieren.
In deze periode is de Noordelijke Atlantische Oceaan al aanwezig en de scheiding tussen Noord Amerika en Groenland een feit geworden. Grote delen van Europa staan nog onder water. Groot India is inmiddels bijna één geworden met het Aziatische continent. Hierbij is het Tibetaanse plateau omhoog beginnen te komen. Alleen een smalle strook zee scheidt het subcontinent India nog van Azië. De Tethys Oceaan is veel smaller geworden wat grote invloed heeft op het oceanische stromingpatroon en daarmee de warmte verdeling op Aarde. Wereldwijd is het klimaat nog wel veel warmer en vochtiger dan vandaag.
In de afgelopen tientallen miljoenen jaren is een riftzone aan de oostkust van Australië ontstaan. De rift heeft zich van het zuiden naar het noorden geopend. Dit is de huidige Tasman zee en de opening heeft tot gevolg dat de subductiezone ver naar het oosten is opgeschoven. ALTERNATIVE Circa 56 miljoen jaar geleden is de Koraal zee al aanwezig en het Queensland plateau losgekomen van de noordoost kust van Queensland. In deze tijd zat Australië nog wel vast aan Antarctica. In deze tijd begint er een riftzone te ontstaan tussen Antarctica en Australië. Dit proces is in het westen het verst gevorderd en in het oosten zitten beide continenten nog aan elkaar vast, deze rifting heeft tot gevolg dat Australië en Antarctica langzaam van elkaar gescheiden raken
De continent-continent botsing van India met Azië is rond 48 miljoen jaar geleden een feit geworden. De plaat van India blijft nog wel steeds in noordelijk richting bewegen en er gaat subductie van continentale korst plaatsvinden. Omdat continentale korst een lagere dichtheid heeft dan de mantelgesteente is het te licht om in de mantel te verdwijnen en er ontstaat een ontkoppeling van de continentale en oceanische korst en de slab van de oceanische korst verdwijnt langzaam in de boven mantel. Continentale korst kan niet in de mantel wegzinken maar wel onder andere continentale korst terecht komen. Dit proces vindt plaats bij de botsing van India met Azië, de continentale korst van India komt onder de korst van Azië terecht waardoor het Tibetaanse plateau omhoog wordt gedrukt.

Plaattektoniek is het gevolg van diverse processen in de mantel en korst, een van de processen is de aanwezigheid van een subducerende oceanische korst. Het algemene idee is dat het gewicht van de subducerende plaat aan de gehele plaat trekt. Door de ontkoppeling van de Tethys oceanische korst van de continentale korst van India valt dit proces weg waardoor de snelheid van de plaat van India vermindert. Hierop reageren de platen rond de Indiase plaat waardoor de richting waarin de platen van de Grote Oceaan en de Australische bewegen wijzigt. De richting van de Grote Oceaan plaat was eerst min of meer in een noord-zuid richting en is 48 miljoen jaar geleden gedraaid naar zuidoost-noordwest. De richting van de Australische plaat gaat van oost-west in een meer noord-zuid richting. Dit heeft ook gevolgen voor de plaatbewegingen tussen de Indiase plaat en de Australische plaat. Vanaf 48 miljoen jaar geleden bewegen beide platen als één lichaam. Al deze wijziging van 48 miljoen jaar heeft weer zijn gevolgen voor de rifting rond de continent van Australië en Antarctica. De rifting van de Tasman zee en de opening van de bekkens rond Tasmanië stoppen. De spreidingsnelheid tussen Australië en Antarctica vergroot naar 7 cm per jaar.
Het westelijke deel van het continent van Australië ziet er in het Eoceen uit als een vlak landschap. Rivieren en wind hebben het land geërodeerd en de erosieproducten zijn in dikke pakketen afgezet langs de west, zuid en oostkust. In West Australië is het landschap tot 100m diepte aan verwering en erosie onderhevig. In het Krijt is er in de Arnhem en Kakadu regio's een dik pakket sedimenten discordant over het Precambrium ondergrond afgezet. Nadat het land in het Eoceen droog is gevallen is het grootste deel hiervan weer weg geërodeerd. Op het moment vinden we alleen nog Krijt afzettingen op het Arnhem plateau en hier en daar ten oosten van Katherine. Ten zuiden van Mataranka vind je grotere Krijt afzettingen. De thermal pools van Mataranka dankken hun bestaan aan afzettingen. De eilanden ten noorden van Darwin bestaan voor 100% uit Krijt afzettingen.

Antarctica ligt er nog niet zo geïsoleerd bij als vandaag. Warme golfstromen afkomstig van de equator transporteren veel warmte langs de oostkusten van Zuid Amerika en Australië naar Antarctica. Hierdoor is het klimaat in Antarctica in deze periode nog relatief mild, in de sedimenten van het Eoceen vinden we heel veel warmwater schelpen en haaien tanden. De winters in het centrum van het continent waren wel streng in het Eoceen maar er zijn geen aanwijzigen voor een permanente ijsdek gevonden.
De vegetatie in zuidoost Australië bestond in het Eoceen uit gematigd regenwoud met gemiddelde jaarlijkse temperaturen van 14 tot 20 graden Celsius en 1200-2400 mm regen per jaar. Met het verder opengaan van de riftzone tussen Australië en Antarctica daalde wel de gemiddelde jaarlijkse temperaturen. De rest van het continent is volledig bedekt met bossen en verder heel veel meren en rivieren. Het binnenland van Australië is vochtig en warmer dan de kust stroken.

We zijn nu in het Oligoceen aangekomen, de situatie in het onderstaande plaatje is van circa 35 miljoen jaar geleden. Er is inmiddels heel veel veranderd, het wereldwijde klimaat is een stuk kouder geworden. Op Antarctica begint het klimaat toch aardig onaangenaam te worden. Waarschijnlijk waren er wel permanente gletsjer aanwezig in het binnenland maar nog geen permanente ijskap over het gehele continent.
In het Oligoceen begint Antarctica geïsoleerd te raken van de aanvoer van een warme water, zowel de Drake passage tussen Zuid Amerika en Antarctica als de passage tussen Australië en Antarctica zijn volledig open gegaan. Dat wil zeggen dat de oceaan daar een dusdanige diepte heeft bereikt dat er geen uitwisseling meer plaatsvindt tussen equatoriaal en polair water. Antarctica is nu voor het eerst volledig omringd door een subpolaire oostwest circulatie, de ACC (Antarctic Circumpolaire current). Dit heeft grote gevolgen voor dit continent, de zeewater en lucht temperaturen dalen snel. Waar 30 miljoen jaar geleden alleen alpiene soorten op het continent aanwezig waren zijn de condities 15 miljoen jaar later glaciaal aan het worden.
In de Arctische Oceaan verslechteren de condities ook, tot aan het begin van het Eoceen was het klimaat in de noordelijke oceaan warm maar vanaf het Oligoceen zijn er aanwijzingen dat er pakijs is gevormd.
ALTERNATIVE De afstand tussen Afrika en Europa begint ook zo smal te worden dat dit een obstakel aan het worden is voor de doorstroming van dieper oceaanwater. We zien verder dat de vorm van Afrika, Noord en Zuid Amerika steeds bekender begint te worden. Europa en Azië doen nog wel vreemd aan.

Door de noordwaarts beweging van Australië begint de Indonesische Archipel te ontstaan. Dit veroorzaakt de volgende blokkade voor de uitwisseling van warmte tussen de equatoriaal oceanen en de polaire oceanen op Aarde. Het gevolg, de gemiddelde oppervlakte temperatuur op Aarde gaat nog verder dalen. De gemiddelde temperatuur op de evenaar zal niet dalen omdat deze afhankelijk is van de instraling van zonnewarmte maar de temperatuur op de polen gaat wel naar beneden. De polen stralen meer warmte uit dan ze via instraling van de zon ontvangen en dit verschil wordt gecompenseerd door het transport van warmte naar de polen. Dit tranmsport vindt grootendeels plaats via de golfstromen.
Waar nu het huidige Panama ligt vond in het Oligoceen nog uitwisseling plaats van water tussen de Atlantische Oceaan en de Grote Oceaan en daarmee ook warmte . In deze tijd was het Atlantische zeewater zouter dan het water van de Grote Oceaan, de warme golfstroom is al wel aanwezig maar minder prominent en er wordt nog veel warmte richting de Arctische zeeën getransporteerd.

De doorgaande botsing tussen India en Azië heeft tot gevolg dat de proto-Himalaya zich beginnen te vormen. Dit heeft grote gevolgen voor het lokale klimaat van het Tibetaanse plateau omdat de Himalaya de moesson regens blokkeren. Het klimaat op het Tibetaanse plateau wordt daardoor kouder en droger.
Voor Australia is er nog weinig veranderd, het gehele continent is nog bedekt met een regenwoud. In het zuiden bestaat dit regenwoud uit soorten van gematigde streken. Het noordelijk deel bevatte veel meer subtropische soorten. De temperatuur over het gehele continent is wel aan het dalen. In deze tijd was het totale landoppervlakte van het continent groter dan tegenwoordig. De kuststrook bevond zich ongeveer op de plaats waar nu de overgang van de continentale shelf naar de continentale helling zit. Dit impliceert dat de zeespiegel gemiddeld 200 meter lager stond. Alleen in het zuidoosten van het continent zag de situatie er anders uit omdat in deze tijd Tasmanie nog voor een groot deel aan het vaste land van Australië vast zit.
In het binnenland was het klimaat vochtig en warmer dan in de kuststroken. Het algemene beeld is regenwouden en moerassen met op de heuvels en bergen veel eucalyptus bomen. Lake Eyre bestond in het Oligoceen al maar was een groot zoetwater gebied met meren en billabongs. Zoiets als het huidige Kakadu, fossielen laten zien dat de regio rijk was aan vis, zoetwater dolfijnen, krokodillen, flamingo's en andere vogels. Verder schildpadden, diverse soorten bomen en grond kangaroes. In het oosten van Australië waren nog steeds veel actief vulkanisme aanwezig.

 

 

Tertiair - Neogeen periode

We zijn nu aangekomen in het Mioceen, in deze periode zijn de vormen van de continenten bijna gelijk aan de huidige vertrouwde vormen. Van noord naar zuid bekeken. Het Arctische bekken is al geheel gevormd, de Beringstraat tussen Alaska en Siberië is aanwezig. De Arctische Oceaan is al bedekt met een ijsdek vergelijkbaar met heden. De Atlantische Oceaan tussen Groenland en Noorwegen en de Baffin Bay en Davis straat tussen Groenland en Canada zijn aanwezig maar nog niet zo breed als de huidige. De drempel tussen Groenland en Schotland is zover gedaald dat er voldoende uitwisseling van oppervlakte water tussen het bekken van de Noordelijke Atlantische Oceaan en de het bekken van de Mid-Atlantische oceaan kan plaatsvinden. De regio wat we nu de Middellandse Zee noemen is nog in vorming maar er is al een Pre Alpen gebergte aanwezig, net als de pre Atlas. Er is verder een eerste aanzet van een slenk op de plaats van de Rode Zee.
De Indiase plaat beweegt nog steeds in noordelijke richting. Bij dit proces worden de gebieden van het huidige Iran naar het westen en de gebieden van Zuid-Oost Azie naar het oosten en zuiden geduwd. De oceanische korst van de Tethys Oceaan is inmiddels volledig in de subductiezone onder Azië verdwenen. De Isthmus (landengte) van Panama is nog niet gevormd waardoor er nog uitwisseling van water tussen de Atlantische en de Grote Oceaan bekkens plaatsvindt. Hierdoor wordt er veel minder warmte met de Golfstroom naar Noordwest Europa getransporteerd dan tegenwoordig.
Australië is nog steeds naar het noorden aan het opschuiven, dit heeft zijn invloed op de flora en fauna. Er verschijnen meer subtropische soorten en de alpiene soorten in het zuiden en op Tasmanië verdwijnen uit de dalen. Australië is nog steeds vochtig genoeg voor een regenwoud afgewisseld met uitgestrekte moerassen met meren en rivieren over het gehele continent. Lake Eyre, nu een zout meer, is in deze tijd een uitgestrekt zoet water meer met watervogels, krokodillen, buideldieren, zoet water mosselen. Riversleigh en Naracoorte, twee uitstekend bewaard gebleven fossielen locaties van diverse uitgestorven land en zoet water dieren zijn uit deze tijd afkomstig.
In het uiterste noorden tegen de kust van Nieuw Guinea aan beginnen de eerste koraal riffen te ontstaan. In de West Kimberleys zijn een aantal vulkanen in ontwikkeling gekomen met minimaal 100 eruptie punten. Sommige bevatten diamanten wat er op duidt dat de lava uit de boven mantel afkomstig is. Verder zijn er diverse vulkaan uitbarstingen in de oostelijke berggebieden geweest.
Maar 15 miljoen jaar geleden is er een omslag. Rond deze tijd ontstaat de grote ijskap van West Antarctica en bereikt de ijskap van Oost Antarctica de oceaan waarbij ijsbergen afbreken. Door de groei van de ijskappen op Antarctica en Groenland daalt de zeespiegel flink waardoor grote delen van de vlakke kustgebieden boven water komen. Of dit nu de oorzaak is, is niet volledig duidelijk maar rond dezelfde tijd begint Australië een stuk droger te worden. Hierdoor verdwijnen de uitgestrekte bossen en wouden, deze maken plaats voor steppen. In deze tijd verschijnen ook de eerste grassoorten op aarde. De verwoestijning van Australië is begonnen en de erosie wordt meer van mechanische aard dan van chemische aard. Diverse vocht minnende planten en bomen verdwijnen geheel of worden verdrongen naar locaties en niches waar wel voldoende water aanwezig is. Australië raakt in de ban van droogte, steppen en bosbranden. Door de verdroging ontstaan de zoutmeren en dikke fosfaat afzettingen.
Vanaf het midden Mioceen beginnen de temperatuur verschillen tussen de tropen en de hogere breedtes toe te nemen. In deze tijd ontstaat de ijskap van west Antarctica en bereiken de ijsvelden van oost Antarctica de open oceaan en de eerste ijsbergen verschijnen op zee. Dit alles heeft een versterkt afkoelend effect op het oceaanwater en daarmee een vermindering van de verdamping. Hierdoor begint het klimaat wereldwijd droger te worden. Dat heeft tot gevolg dat de moesson regens zwakker en korter worden waardoor grote delen van tropische en subtropische regenwouden verdwijnen en in steppen veranderen.
Australië begint verder droger maar ook warmer te worden, de gemiddelde jaarlijkse neerslag is nog maar 500-1000 mm per jaar en dat is veel te weinig voor de grote uitgestrekte regenwouden. Door de plaattektoniek schuift Australië steeds meer naar tropische breedte graden en dit verhoogd verder de verdamping in het binnenland. En een sterk geërodeerd landschap zonder hoge bergen zoals Australië heeft verder veel last van het droger worden van het klimaat. In de bergen van New Zuid Wales langs de kust van noordoost Queensland valt nog wel voldoende neerslag voor een regenwoud maar voor de vlakke gebieden van het binnenland en West Australië heeft de verdroging grote gevolgen. Dieren en planten die zich niet weten aan te passen sterven uit of worden verdrongen naar locaties of niches waar nog wel voldoende water is. Hoger op de bergen zijn nog wel uitgestrekte bosgebieden aanwezig maar in de vlakten en het binnenland verschijnen open eucalyptus bosgebieden en graslanden rond grote meren.
Circa 10 miljoen jaar geleden is de zeespiegel sterk verlaagd waardoor Australië nog meer onder invloed komt van een droog klimaat. Rond 8 miljoen jaar geleden verschijnen de eerste woestijnen, zoutmeren en fosfaat afzettingen in Australië. Met allen een onderbreking van 5 tot 2 miljoen jaar geleden blijft Australië onder grote invloed van het veel drogere klimaat. Deze nattere periode van 3 miljoen jaar heeft wel zijn gevolgen voor het zuiden van Australië. Er is weer een volledig bedekking met een gematigd regenwoud en de grotten op de Nullarbor plain zijn naar alle waarschijnlijk het gevolg van de toename in regenval. In deze tijd staat de zeespiegel ook veel hoger. Doordat de zee diverse rivierarmen instroomt ontstaan er diverse goud houdende afzettingen in westelijk Victoria.In deze tijd was er veel vulkanische activiteit in westelijk Victoria en noordelijk Queensland.
Rond de 5 miljoen jaar geleden komt de landengte van Panama, de Isthmus boven water. Dit heeft een aantal zeer grote effecten tot gevolg. De twee type zoogdieren op de planeet, de placenta en de buidel zoogdieren komen met elkaar in contact waarbij in veel gevallen de buidelzoogdieren verdrongen worden. ALTERNATIVE De uitwisseling van water tussen de Grote Oceaan en de Atlantische Oceaan stopt, dit heeft een positief effect op de ontwikkeling van de warme golfstroom. Deze gaat veel warmte transporteren van de Golf van Mexico naar noordwest Europa waardoor de neerslag in Europa gaat toenemen. Verder wordt het water van de Atlantische Oceaan nog zouter. Alles bij elkaar veroorzaakt dit de vorming van zeer koud zout water in het bekken van de Arctische en Noord Atlantische Oceaan. Dit zoute koude water stroomt onder het warme water van de golfstroom door de zuidelijke Atlantische Oceaan in. Door de veel hogere dichtheid daalt het gelijk naar de bodem van de Atlantische Oceaan. Hierdoor ontstaat een conveyor belt-achtig transport van koud zout bodem water van de Atlantische naar de Grote Oceaan. Dit proces versterkt de warme golfstroom en daarmee de hoeveelheid neerslag in noord Europa. Door de toename van de neerslag in Noord Europa verschijnen drie miljoen jaar geleden de eerste gletsjer in Noord Europa. Dit heeft een sterk afkoelend effect op het gehele noordelijke halfrond en Noord Amerika komt ook in de ban van de gletsjers. De planeet komt in een wereldwijde ijstijd met gletsjers in alle berggebieden, ook tropische berggebieden en Tasmanie.

Door de plaatbeweging is het noorden van het Australische continent in de tropische regionen terecht gekomen maar ook bij de subductie zones van de Indonesische Archipel en de Grote Oceaan. Ongeveer 5 miljoen jaar geleden ontstaat er een arc-continent botsing van het Australische continent met de eilanden van de Timor Trench. Waar eerst de oceanische korst van de Australische plaat in de subductie zone verdwijnt begint nu de Napoleon basin te subduceren. Omdat continentale korts te licht is om in de mantel te verdwijnen kunnen we een nieuwe Himalaya keten op deze plaats verwachten. Een andere mogelijkheid is dat de continentale korst van Australië net langs de subductiezones van de Indonesische en Philipijnse archipel schampt waarbij de oceanische korst van de Grote Oceaan onder de Australische plaat subduceert. Dit is ook met het gebied van Nieuw Guinea gebeurt, de subductie zone aan de noord kant van dit eiland was eerst een noord-dipping subductie zone. Na aankomst van de noordpunt van het continentale Australische continent bij de subductie zone is er een zuid dipping subductie zone ontstaan waarbij de oceanische korst van de Grote Oceaan onder de Australische plaat verdwijnt.
Rond de 60000 jaar geleden verschijnen de eerste mensen op het continent. Naar alle waarschijnlijkheid zijn zij vanaf de Filippijnen overgestoken naar de west punt van Nieuw Guinea. Dit kon alleen omdat de zeespiegel zeespiegel wereldwijd rond de 200m lager lag waardoor bijna het gehele continentale plat van de Indonesische, Filippijnse archipel en Australische continent droog lag. Ondanks de lage zeespiegel is er steeds open zee geweest tussen de Indonesische en Filippijnse archipel en Australië. De mensen van toen moeten bekend zijn geweest met de zee en zijn gevaren. Bij aankomst op het Australische continent hebben ze waarschijnlijk verbaasd staan kijken naar de reusachtig grote buideldieren die ze daar tegen kwamen. Aan het einde van de laatste ijstijd, tussen de 5000 en 15000 jaar geleden stierven deze uit en nu zijn alleen nog de kleinere soortgenoten over.
Het huidige Australie kent een veelzijdige natuur van woestijnen tot tropische regenwouden. Ten westen van de Tasman lijn is het landschap in de afgelopen honderden miljoenen sterk geërodeerd. Hierdoor is het maximale hoogteverschil daar hooguit 100-150 m. De sterkst geaccidenteerde terreinen zijn de oude cratons. De oude cratons zijn op diverse plaatsen doorsneden door ondiepe canyons en kloven en hier heb je dan ook de grootste kans om water te vinden. Dit zijn ook de plaatsen waar de meeste toeristische activiteit plaatsvindt, we hebben het dan over gebieden als Kakadu, Litchfield, Nitmiluk, Pilbara, Lawn Hill gorge, Black Mountain NP, Kimberley's, King's Canyon en vele anderen. Ten oosten van de Tasman lijn is het terrein veel meer geaccidenteerd met de maximale hoogtes op de waterscheiding. Ten westen van de waterscheiding is het land veel droger dan ten oosten. De Europeanen wisten wel waarom ze allereerst het deel ten oosten van de waterscheiding van de Aboriginals afnamen. Voor de Europeanen is Australië een continent met weinig geologische activiteit. Alleen in het noorden van het continent en het westen rond Perth is sprake van enige seismische activiteit. De oorspronkelijke bewoners van Australië, de Aboriginals hebben de laatste vulkaanuitbarstingen in oost Australië nog mee gemaakt. Deze vond rond de 4500 jaar geleden plaats. De eerste vulkaan uitbarstingen in dit deel zijn 70 miljoen jaar geleden begonnen. Daarvoor zijn andere episodes van vulkanische activiteit geweest, zoals in het Laat Cambrium (600-555 Ma), midden Jura (185-132Ma) Gedurende zijn tocht naar het noorden is het oostelijke deel over een aantal hotspots getrokken. De vulkanen welke hierdoor zijn ontstaan vormen nu de waterscheiding van oost Australië. Deze vulkanen nemen in leeftijd van het noorden naar het zuiden af.

 

 

Links

Lord Howe Island - Lord Howe Island is the erosional remnant of a 6.9 million-year old shield volcano. Mount Gower (right) and Mount Lidgbird (left) dominate the south end of the island.
The island is 375 miles (600 km) east of the continent of Australia and near the boundary between the Lord Howe Rise and the Tasman Basin. The Lord Howe Rise is made of continental crust that was rafted eastward as volcanism at a mid-ocean ridge formed new seafloor and opened the Tasman Basin. Seafloor spreading was active from 80 to 60 million years ago. The Lord Howe seamount chain, defined by coral-capped guyots, continues to the north for 600 miles (1000 km) and is probably the result of the Australia plate moving northward over a stationary hot spot. The Tasman Basin is greater than 4,000 m deep. The Lord Howe Rise is defined by the 2,000 m depth contour.

USGS: Australian Continent Regions - USGS CMG InfoBank Atlas: Australian Continent regions

Seafloor spreading around Australia

The Geological history of New Zealand - Modern New Zealand is world renown for being geological active with high mountains, frequent earthquakes, geothermally active areas and volcanoes. This is due to New Zealand's modern position on the boundary of the Australian and the Pacific Plates. The collision of these plates caused the Pacific plate to subduct underneath the Australian plate which carries the North Island. To the south of the South Island, the situation is reversed. The subduction zones in New Zealand are defined by trenches in the north and in the south and by the Alpine Fault which connects the two. This plate boundary has shaped the size of New Zealand and also defines its geology.
The islands forming New Zealand developed as part of a broader continental shield made up of Antarctica and Australia, forming part of Gondwana. Radiometric dating places the oldest rocks in New Zealand being at least 500 million years old.
New Zealand's geological history can be divided into three main periods of sedimentation and three periods of mountain building (orogeny):

Gondwana Timeline - GONDWANA TIMELINE - GEOLOGICAL HISTORY AND AUSTRALIAN FLORA

Tasman Sea Fold belts - Submerged and detached portions of the New England and Lachlan fold belts east of the Tasman Sea

Fossil Sites of Australia - The fossil sites in Australia are highly significant in their own right. Taken together they represent key stages in the development of Australia's fauna. These sites represent extreme diversity and quality of preserved materials. They also represent links through time that unify the biotas of the past with those of today. In addition, they provide a basis for documenting evolutionary change in the lineages and communities that have led to the modern biota. This may be valuable in the development of conservation strategies

Cenozoic East-West Antarctic Separation - Recently, major improvements in our understanding of the Australian-Pacific convergence history have been made, based on the reconstruction of East-West Antarctic relative motions in the Tertiary (Cande et al., Nature, 2000). The new rotations are partly based on a newly discovered set of magnetic lineations north of the Ross Sea in the Adare Trough area, which represent East-West Antarctic seafloor spreading. The revised tectonic model suggests that there was roughly 180 km of extension in the western Ross Sea embayment in the Eocene and Oligocene. Tertiary extension between East and West Antarctica provides a tectonic setting for several major Cenozoic tectonic events in the Ross Sea including the uplift of the Transantarctic Mountains and the deposition of large thicknesses of Mid-Cenozoic sediments.The revised reconstructions also remove a puzzling gap between the Lord Howe Rise and Campbell Plateau in previous early Tertiary paleogeographic maps of the New Zealand region.

Pacific Ocean - Wikipedia - The Pacific Ocean is the largest of the Earth's oceanic divisions. Its name is derived from the Latin name Mare Pacificum, "peaceful sea", bestowed upon it by the Portuguese explorer Ferdinand Magellan. It extends from the Arctic in the north to Antarctica in the south, bounded by Asia and Australia on the west and the Americas on the east. At 169.2 million square kilometers (65.3 million square miles) in area, this largest division of the World Ocean – and, in turn, the hydrosphere – covers about 46% of the Earth's water surface and about 32% of its total surface area, making it larger than all of the Earth's land area combined.The equator subdivides it into the North Pacific Ocean and South Pacific Ocean. The Mariana Trench in the western North Pacific is the deepest point in the Pacific and in the world, reaching a depth of 10,911 metres (35,798 ft).

Rifting West Australia - The Exmouth Plateau is a rifted and deeply subsided fragment of continental crust, covered by ast least 8 km of sediments, including ~ 1-2 km of post-breakup sediments. The present configuration of this region was initiated in the Late Triassic to Early Cretaceous by East Gondwanan rifting between northwestern Australia, greater India, and other Gondwanan fragments to the north. During Leg 122, core recovered from the Wombat Plateau (Site 759 to Site 761 and Site 764) yielded a composite record of sediments deposited during rifting in the Triassic and the Cretaceous and Cenozoic following the breakup. Two sites drilled on the Exmouth Plateau (Leg 122 Sites 762 and 763) recorded the Cretaceous to Cenozoic paleoenvironmental and passive-margin evolution of the western part of the central plateau, documenting a thick clastic shelf-margin wedge that prograded from a southern source area during the Early Cretaceous late-rift phase, and was there overlain by an Upper Cretaceous to Cenozoic pelagic (marine) sequence.

Tectonic setting of New Zealand - New Zealand lies at the edge of both the Australian and Pacific tectonic plates. To the northeast of New Zealand, and underneath North Island, the Pacific Plate is moving towards, and being subducted below the Australian Plate. To the south of New Zealand, and underneath Fiordland, the two plates are also moving toward each other but here the Australian Plate is being subducted under the Pacific Plate.
The Australian and Pacific Plates generally don't move smoothly past each other. They move in a series in a small rapid motions each of which is accompanied by one or more earthquakes. Deep earthquakes under North Island form a well defined band (seismic zone) running northeast from Marlborough through White Island. Shallow earthquakes tend to occur to the southeast of this seismic zone, while the deeper ones occur towards the northwest. The earthquakes form this pattern occur where the Pacific Plate is being subducted under the Australian Plate. This pattern of deeper earthquakes towards the northwest of North Island reflects the northwest dip (or slope) of the boundary between the two plates (the Benioff zone). Conversely, in the southwest of South Island where the Australian Plate is being subducted below the Pacific Plate, the deeper earthquakes occur on the southeast edge of the seismic zone where the Benioff zone dips steeply to the southeast.

Geodynamics of Australia

Australia - Evolution of a Continent - Paleogeographic Atlas

Geological Society of Australia