Panel 1
De eerste bewoners van Australië hebben zich meer dan 43.000 jaar geleden hier gevestigd. Zij stammen oorspronkelijk uit Azië en kwamen in drie immigratiegolven via Nieuw-Guinea naar Australië. Dit werd vergemakkelijkt doordat tijdens de ijstijd het zeeniveau ruim 200 m lager lag. De Golf van Carpentaria was drooggevallen waardoor Australia met was Nieuw-Guinea verbonden. Aan de zuidkant van Australië was de zee tussen Tasmanië en Australië ook drooggevallen. Door het droogvallen van de ondiepere delen van de Zuid-Chinese Zee tussen de Indonesische Eilanden en het vasteland van Zuid-Oost Azië hoeften de voorvaderen van de Aboriginals alleen de Timor Sea en de zee tussen Sulawesi, de Molukken en Nieuw Guinea overtesteken. Ook met de zeespiegel 200 m lager moet dit een moeilijke overtocht zijn geweest en vroeg een goede kennis van de zee.
De laatste immigratie golf heeft ca 5000 voor Christus plaatsgevonden en dat is na het einde van de Ijstijd. Deze groep immigranten heeft de Dingo naar Australië meegenomen.Ruim tienduizend jaar geleden is de Ijstijd afgelopen. Ten gevolge van het smelten van het landijs is de zeespiegel zeer snel gestegen. Men vermoedt dat de kustlijn in de huidige Golf van Carpentaria tijdens de periode van de snelste zeespiegel stijging circa 100-150 km per jaar landwaarts moet zijn verplaatst. Dat is veel en zal een groot probleem voor de bewoners van het gebied zijn geweest. Rond 5000 jaar geleden begon de snelle stijging van de zeespiegel af te nemen. De gehele noordelijke kuststrook van Australië moet in die tijd één groot zoutwater moeras zijn geweest waarbij de zee tot aan de kliffen van Arnhem land en Golf van Carpentaria heeft gestaan. Gebieden als Kakudu en de vlakte rond de Golf van Carpentaria zijn pas gevormd nadat de ergste zeespiegel stijging voorbij was.
De Aboriginal gemeenschap bestond in de oertijd uit ongeveer 600 stammen, er waren waarschijnlijk 200 verschillende talen. Ze leefden van de jacht, de visvangst, het houden van kleine dieren en van het verzamelen van vruchten. De Aboriginals waren echte nomaden, ze hadden geen vaste dorpen. Hutten bouwden ze zelden, slechts in het zuiden als bescherming tegen de kou en in het noorden als beschutting tegen zware regenval. De Aboriginals hadden een niet-materiële cultuur. Dat kwam enerzijds voort uit hun nomadische levensstijl, waarbij het meevoeren van veel bezittingen voornamelijk lastig was, maar werd anderzijds ingegeven door hun levensbeschouwing (de aarde is goed zoals ze is, aan haar hoeft niets te worden toegevoegd). Mythische voorvaderen hadden in de "Dreamtime" de wereld met alle dieren en planten geschapen en regels opgesteld volgens welke men moest leven De stammen hadden onderling contact, men was (in grensgebieden) meertalig, trouwde onder elkaar en geschillen werden tijdens vergaderingen genaamd corroborees opgelost. Krijgshandelingen in de gewone zin van het woord kwamen niet voor. De Aboriginals kenden een geboorteregeling om geen overbevolking te laten ontstaan en het land was verdeeld door wegen, zogenaamde droompaden, waarop voor bepaalde
groepen een recht van overpad gold. Langs deze routes bevonden zich de heilige plaatsen (sacred sites), waarvan er vandaag de dag nog enkele zijn te bezichtigen.
Aboriginals hadden sporadisch contact met de buitenwereld, hooguit met de Papua's van Nieuw-Guinea of Maleisische vissers aan de noordkust. De Moorse kooplieden zijn naar alle waarschijnlijk nooit de Timor Sea overgestoken. Dat veranderde echter met de komst van de eerste Europeanen.
Er was lange tijd gespeculeerd over een terra australis incognita, een onbekende landmassa op het zuidelijk halfrond, die de wereld in evenwicht hield. De eerste Europese ontdekkingsreiziger die Australië zag was Fernáo de Magalháes, aan het begin van de 16de eeuw op z'n reis naar Timor. Een andere Europeaan, Luis Vaez de Torres, zeilde in de 16e eeuw tussen Australië en Nieuw-Guinea door. Het was de Hollander Willem Janszoon met het schip Duyfken die in 1606 als eerste Europeaan in het noorden van Australië (Cape York) voet aan land zette. In 1642 voer Abel Tasman een meer zuidelijke koers en stuitte daarbij op het thans naar hem genoemde Tasmanië.
Hoewel de landschappen van Cape York en Tasmanië niet méér dan normaal van elkaar hadden kunnen verschillen, waren de Hollanders het over één punt eens: het vreemde continent, het zogenaamde Nieuw Holland, had een onverdraaglijk klimaat en was in economisch opzicht volkomen waardeloos. Zij verloren iedere interesse en concentreerden zich op het winstgevende Oost-Indië. De geschiedenis gaf Australië nog een keer een adempauze toen een halve eeuw later William Dampier, een Engelse piraat, eveneens tot de slotsom kwam dat Australië economisch gezien oninteressant was. Kapitein Cook was een andere mening toegedaan. Na een lange reis die hem op Vuurland, Tahiti en Nieuw-Zeeland bracht, landde hij in 1770 als eerste Europeaan aan de oostkust in een paradijselijk aandoende baai. Hij noemde de baai vanwege de vele planten Botany Bay ("botanische baai"). Tekenen van menselijk leven waren pas na drie dagen te zien. Cook schrijft in zijn dagboek: "Wij lagen zo dicht bij de kust dat we op een avond enkele mensen in de schemering konden waarnemen, die door onze verrekijkers ongelooflijk donkere huiden leken te hebben."
Van Botany Bay zeilde het schip van Cook, de Endeavour naar het noorden en liep daarbij (in het gebied van de huidige Whitsunday Islands) op een koraalrif. In de tijd die nodig was om het schip te repareren, werden de kusten van het continent en zijn bewoners verder onderzocht. Cooktown in Queensland herinnert thans aan die ontdekkingstochten. Kapitein Cook beëindigde zijn missie zoals hij dat ook op andere plaatsen had gedaan: hij riep het oosten van het continent officieel uit tot Britse kroonkolonie, die New South Wales moest heten.Dit was een stap die Engeland later goed zou uitkomen. Want toen vijf jaar later de Verenigde Staten van Amerika hun onafhankelijkheid proclameerden, wist men niet meer waar men de ordeverstoorders, kruimeldieven en moordenaars moest laten, die men voorheen naar Noord-Amerika had verbannen. In New South Wales had men nu een nieuw verbanningsoord gevonden. Daarmee verloor Botany Bay echter snel zijn sprookjesachtige imago en werd het in heel Engeland een afschrikwekkend begrip. Vervolg komt
In 1869 is er een kleine settlement gesticht met de naam Palmerston vlak bij de Port of Darwin. Pas in 1911 kreeg het zijn tegenwoordige naam al is er nog steeds een kleine stad vlak in de buurt met de naam Palmerston. Darwin was niet de eerste poging om in dit gebied een settlement te beginnen. Op diverse andere plaatsen rondom de huidige locatie van Darwin zijn de ruines nog aanwezig van eerdere pogingen. De locatie van Darwin is goed gekozen, het ligt op een rots plateau circa 30 meter boven zee en buiten de overstromingsgebieden van de diverse grote rivieren in het gebied. Door de komst van de telegraaf en luchtvaart verbindingmet Europa maakt Darwin in de de dertiger jaren van de vorige eeuw maakte Darwin een grote ontwikkeling door. Maar tot aan de jaren 40 was er geen weg of spoorlijn verbinding van en naar Darwin. Pas bij de dreiging van een Japanse invasie is de Australische regering versnelt begonnen met de aanleg van een weg- en een spoorlijn naar Darwin. De weg is in de oorlog nog gereed gekomen maar de spoorlijn verbindig pas in de 21de eeuw. In de oorlog is de spoorlijn niet verder gekomen dan Katherine. In de tweede wereldoorlog is Darwin 64 keer zwaar gebombardeerd door Japanse vliegtuigen en op een gegeven moment heeft men zelfs overwogen om Darwin te gaan evacueren. Het eerste bombardement kwam als totale verrassing ondanks dat er een waarschuwing was afkomstig van missionarissen op Melville Island. Ze werden door de authoriteiten in Darwin niet geloofd. Na dit eerste bombardement is er een permanente waarnemingspost op Melville Island opgezet. Als antwoord op de Japanse bombardementen zijn er diverse kleine militaire vliegvelden ten zuiden van Darwin opgezet. In het algemeen waren de vliegtuigen en piloten Amerikanen, de Australiërs waren elders in de oorlog betrokken. Tegenwoordig maken de landingsbanen deel uit van de Stuart Highway. Borden langs de Stuart highway laten nog steeds de locaties zien. Onder Darwin, in de rotsen van het plateau, zijn in de tweede wereldoorlog grote ondergrondse brandstofopslagplaatsen en gelijk schuilkelder voor de bevolking opgezet. Geen enkele keer is het de Japanners gelukt om deze depots te vernietigen. Deze opslagplaatsen zijn nog steeds in gebruik. Na de tweede wereldoorlog is er nog een situatie geweest dat bijna besloten is om Darwin te laten voor wat het is. Op Kerstnacht 1974 heeft de Tropische Cycloon Tracy meer dan 90% van de stad en zijn omgeving volledig verwoest. De gevolgen waren in 2000 nog steeds te zien, op diverse locaties in de stad zagen we braakliggende terreinen. Gelukkig heeft men indertijd besloten om de stad te gaan herbouwen. Hierdoor is de stad de modernste van Australië met veel laagbouw en schijnt nu zeer cycloon bestendig te zijn. De historische gebouwen die Tracy overleeft hebben zijn nu nog steeds te bewonderen. Veel daarvan zie je tijdens een wandeling door het bicentennial park.
Panel 2
Panel 3
Het menu aan de linkerkant van Googlemaps is een selectie van de plaatsen in South Australia waar we geweest zijn. De rode lijn is de route welke we afgelegd hebben en is vastgelegd met onze Garmin GPS.